Ruimte voor nieuw onderwijs

Waarom werken kinderen aan kleine tafels? En waarom staat er een lessenaar voor de leraar in elke klas? Moeten lokalen er hetzelfde uitzien? Zijn er uitgangspunten voor de inrichting en het kleurgebruik?

 

Dat zijn vragen waarmee ik als architect scholen probeer te prikkelen. Samen sparren we over wat voor hen een goed onderwijsgebouw is. Nu en in de toekomst! We denken out-of-the-box, stellen kritische vragen en inspireren met voorbeelden of mogelijkheden. Zo ontstaat de basis voor mogelijk nog beter onderwijs voor de kinderen; van deze tijd en met oog op de toekomst.

 

Contact maken met leerlingen doe je door ze op te zoeken. Een leraar aan de keukentafel of op de bank, in plaats van achter het bureau, maakt de drempel om iets te vragen veel lager. En, besteed je maar weinig tijd aan klassikale uitleg op het digibord, waarom richt je daar dan niet een kleiner deel voor in? Denk eens aan een arena-opstelling of aan zitzakken, en laat je ruimte voor andere activiteiten in het lokaal.

 

Je kunt dan verschillende plekken creëren in de school zodat iedereen zich ‘thuis kan voelen’. Een lekkere luie bank, een voorleesstoel, een keukentafel om aan te werken, een speelkleed op de grond... Of ga nog een stap verder en maak clusters van groepen die verschillende ruimtes hebben voor verschillende activiteiten. Een ruimte om gezamenlijk les te krijgen of iets te vieren, plekken om zelfstandig of in groepjes te werken, een podium voor werkstukken van de leerlingen, en misschien zelfs de buitenruimte betrekken bij de lesruimte.

 

Met onderscheid in beleving, functie en afmeting kan elk kind een passende plek vinden binnen zijn/haar onderwijsdomein. En met kleur kun je de plekken markeren, en er rust en sfeer brengen.

Ronald Olthof